Werkingsprincipes

cocreatie

Co-Creatie

“Gewone en buitengewone scholen brengen op gelijkwaardige basis en in cocreatie de expertise samen om leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften  (SOB) en de leraren(teams) die met deze leerlingen werken, te ondersteunen.”

  • Samenwerking buitengewoon en gewoon onderwijs:

– leerkrachten en ondersteuners delen hun expertise op gelijkwaardige basis,
– inspireren en motiveren elkaar,
– bouwen verder op wat werkt,
– werken samen op basis van concrete afspraken.

  • Met respect voor ieders expertise zoeken we samen naar oplossingen.

Ondersteuning Op Maat

  • Vraaggestuurd ondersteuningsmodel.
  • Ondersteuning kan leerling-, leerkracht- of teamgericht zijn.
  • De vraag wordt gesteld door de gewone school en het CLB aan het centrale zorgloket:

– altijd in samenspraak met het CLB en de ouders
– centraal staan de specifieke onderwijsbehoeften (SOB) van de leerling en de ondersteuningsbehoeften van de leerkracht(en) en/of het schoolteam

Flexibele inzet van tijd, aard en intensiteit van de ondersteuning

  • Het ONW krijgt de finale verantwoordelijkheid om de beschikbare begeleidingseenheden flexibel te verdelen op basis van de ondersteuningsnoden die gesteld worden. Zij doet dit in samenspraak met de gewone school, het CLB en de ouders.
  • Flexibiliteit in volume (aantal uren) en tijdsduur. De ondersteuning gebeurt zolang als nodig (en niet langer).
  • Je school bepaalt samen met de ouders, met het CLB en met een school voor BuO de ondersteuning op maat, op basis van de noden.
  • Niet alleen ondersteuningsbehoeften van leerlingen, maar ook van leerkrachten en schoolteams in kaart brengen.
  • Bedoeling: meer inzetten op leerkracht- en teamgerichte ondersteuning.
  • Ondersteuning kan meer flexibel worden ingezet, ook in de loop van een schooljaar.

Efficiënte Inzet

  • Geen versnippering van opdrachten: een ondersteuner wordt verbonden met een beperkt aantal scholen om een constructief partnerschap op te bouwen.
  • Reistijden van ondersteuners beperken.
  • Ondersteuning wordt geboden tot de leerling en het lerarenteam op eigen kracht verder kunnen (competenties versterken).

Maximaal effect op de klasvloer

  • De ondersteuning is voelbaar tot op de klasvloer.  Dit betekent niet dat de ondersteuner steeds aanwezig is in de klas. Een leerling tijdelijk/occasioneel uit de klas halen blijft mogelijk, maar het blijft steeds de bedoeling om de leerling zoveel mogelijk te laten participeren in het klasgebeuren.
  • Coaching door samenwerking met de leerkracht in de klas.

Zorgregie blijft in de gewone school

  • Eigenaarschap en regie van een efficiënte leerlingenbegeleiding blijft bij de school: uitbouw van de brede basiszorg en de verhoogde zorg (fase 0 en 1).
  • Zij worden op hun zorgbeleid geëvalueerd door de inspectie.
  • Ondersteuners hebben hier een aanvullende en ondersteunende rol (suggesties naar olievlek-principe).

Recht Op Ondersteuning

  • In geval van een inschrijvingsverslag, een gemotiveerd verslag en verslag of HGD type 3 doorlopen in combinatie met een concrete ondersteuningsnood, is er recht op ondersteuning.
  • Alternatieven: versterking van de brede basiszorg, opstarten van een HGD-traject in overleg met CLB, enz.
  • Gedurende het hele schooljaar kunnen vragen naar ondersteuning gesteld worden aan het ondersteuningsnetwerk.
  • Elke ondersteuningsvraag moet worden beantwoord. De geboden ondersteuning kan leerkracht-, team- of leerlinggericht zijn, maar moet altijd voelbaar zijn tot in de klas.

Professionalisering

  • De aanwezige expertise wordt in elk team verbreed en verdiept via intervisie en vorming.
  • De inzet van verschillende disciplines vanuit verschillende contexten (leerkracht basisonderwijs of secundair onderwijs, GON of pre-waarborg ervaring, logopedist, kinesist, orthopedagoog, psycholoog, ) is verrijkend.
  • Ondersteuners kunnen ingezet worden in het gewoon basis- en/of gewoon secundair onderwijs.